Allianties als antwoord op veranderende arbeidsmarktvraag!

De wereld om ons heen verandert in rap tempo. Kwam je vroeger goed voorbereid op de arbeidsmarkt als je de basisschool, middelbare school en beroepsopleiding of wetenschappelijk onderwijs had afgerond, nu staan de zaken er anders voor. Goudgerande regelingen als VUT, vroeg-pensioen en zelfs pensioen op je 65e zijn onbetaalbaar geworden. Nu al staat de pensioengerechtigde leeftijd op ruim 67 jaar en wordt in de wandelgangen in politiek Den Haag al gesproken over 70 jaar. Als gevolg van technische en maatschappelijke ontwikkelingen volgen de veranderingen op de arbeidsmarkt elkaar steeds sneller op. Sommige beroepen verdwijnen, maar er komen andere voor in de plaats. Een baan voor onbepaalde tijd is niet noodzakelijkerwijs tot het pensioen en kennis en vaardigheden die vandaag nodig waren, zijn morgen achterhaald.

In dit licht is het noodzakelijk dat bedrijfsleven en onderwijs elkaar opzoeken en samenwerken. Wat is nodig, hoe kunnen onderwijs en bedrijfsleven er samen voor zorgen dat werknemers mobiel kunnen zijn en bijvoorbeeld binnen een sector maar juist ook tússen sectoren relatief makkelijk werk kunnen vinden? Welke competenties en vaardigheden zijn vandaag, morgen en overmorgen nodig? Rijtjes en feitjes leren volstaat niet meer, we hebben 21e eeuw-skills nodig, zoals creatief denken, digitale geletterdheid, ondernemend gedrag en kritisch denken.

De arbeidsmarkt van de 21e eeuw eist óók dat de werknemer of de zelfstandige professional zelf de regie neemt over zijn of haar loopbaan. Dé baan voor het leven bestaat niet meer, we hebben flexibele schillen versus vaste contracten. We moeten omdenken: we praten niet meer over een baan maar over beschikbaar werk en het feit dat je het één doet, hoeft het ander niet uit te sluiten.

De gemeente Haarlemmermeer heeft met 9000 bedrijven – grote en kleine ondernemingen en zelfstandige professionals – een bloeiende arbeidsmarkt. De overheid – en wij ook als gemeente – ondernemers en onderwijs (de zogenaamde triple helix) investeren in allianties: in netwerken waar we samen kijken naar welke uitdagingen er liggen en wat we nodig hebben om die uitdagingen aan te gaan. Wat mij betreft zijn die allianties ook niet vrijblijvend, maar leggen zij een fundament onder een goed functionerende arbeidsmarkt die “mee-ademt” met ontwikkelingen in de maatschappij.

img_0022
Bijeenkomst Alliantie Arbeidsmarkt-Onderwijs, vrijdag 10 februari 2017

Reageren op dit bericht? Klik hier!

De juiste schaal?

Ons land kent 35 arbeidsmarktregio’s van waaruit gemeenten en UWV de dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden vormgeven. In de meeste arbeidsmarktregio’s voeren gemeenten, samenwerkingspartners, werkbedrijven en UWV de werkgeversdienstverlening uit in een zogenoemd WerkgeversServicepunt. Sommige regio’s hebben één centraal WerkgeversServicepunt, andere regio’s werken met verschillende lokale of subregionale vestigingen.

In onze arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam kennen we het laatste: wij hebben dus een zogeheten satelliet van het WerkgeversServicepunt in onze gemeente. Dat sluit uitstekend aan bij ons motto “lokaal doen, wat lokaal kan”. Werkgevers kunnen bij het WerkgeversServicepunt terecht voor hulp bij het invullen van vacatures en vragen over ontwikkelingen in de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd is het WerkgeversServicepunt een belangrijk kanaal om werkzoekende inwoners van Haarlemmermeer aan werk te helpen. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar mogelijkheden voor werk binnen de gemeente maar nadrukkelijk naar mogelijkheden in de hele arbeidsmarktregio. Daar hebben werkzoekenden dus baat bij want het vergroot de kansen op werk.

Onze arbeidsmarktregio is een arbeidsmarktregio waar het gemiddeld genomen erg goed is gesteld met de werkgelegenheid. Niet in de laatste plaats komt dat door de aanwezigheid van de nationale luchthaven Schiphol. Zeker wij als Haarlemmermeer plukken de werkgelegenheidsvruchten van de aanwezigheid van Schiphol. Het zorgt voor veel directe (60.000 banen) en indirecte (13.500 banen) werkgelegenheid. Het zou echter naïef zijn om te denken dat de arbeidsmarkt ophoudt bij de grenzen van de gemeente of de arbeidsmarktregio. Inwoners trekken zich – met recht – wat dat betreft niets aan van door bestuurders getrokken grenzen! Of een baan nu in Den Haag, Haarlem of Zaanstad is: onze inwoners accepteren de baan die bij hen past waar die ook is.

Ik pleit er als wethouder dan ook al langere tijd voor om nadrukkelijk ook óver de bestuurlijke grenzen van gemeenten en arbeidsmarktregio’s heen te kijken. Meer uitwisseling dus tussen gemeenten en arbeidsmarktregio’s van bij voorbeeld vacatures en ook meer gelijkluidend beleid, bijvoorbeeld als het gaat om de inzet van loonkostensubsidies. Dat is goed voor inwoners die werk zoeken en voor werkgevers die op hun beurt weer personeel zoeken. De juiste schaal hiervoor is wat mij betreft dan ook de schaal waarop de economische dynamiek het meest manifest is. Dat is in ons geval de schaal van de Metropoolregio Amsterdam.

img_0018De schaal van de Metropoolregio is natuurlijk niet zaligmakend. Er is immers dan nog steeds sprake van een grensoverschrijdende arbeidsmarkt. Daar is ook op zichzelf niets mis mee! De winst is wél dat we voor inwoners en werkgevers als gemeenten in de Metropoolregio de bestuurlijke grenzen wat oprekken en ook wat meer beleidsmatige eenduidigheid op onze regionale arbeidsmarkt creëren. Een betere afstemming van lokaal arbeidsmarktbeleid op de regio, meer eenduidigheid van overheidsbeleid voor werkgevers en een effectievere matching van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt: de juiste schaal helpt!

Reageren op dit bericht? Klik hier!

De zeven wereldzeeën

Nederland staat bekend als een ondernemende handelsnatie. Als relatief kleine, open economie is het onze tweede natuur geworden om op zoek te gaan naar -zoals economen dat noemen- een comparatief voordeel. En ja, dat is inderdaad wat anders dan een competitief voordeel! In de 17e en 18e eeuw ging dat ten tijde van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) zelfs gepaard met een monopolie, zeg maar gerust een geweldsmonopolie. Oud-premier Balkenende wilde graag wel wat van die VOC-mentaliteit terug. Natuurlijk doelde hij niet op de uitwassen van de Gouden Eeuw maar op de handelsgeest die de toenmalige Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden veel welvaart bracht. Hoewel wat verworden tot karikatuur had Balkenende met zijn opmerking wel een punt: met enige trots, flair en vastberadenheid doen waar we goed in zijn, kan ons land ver brengen.

Doen waar we goed in zijn: dat geldt vanzelfsprekend ook voor onze gemeente. Vanuit mijn portefeuille ondernemerschap probeer ik juíst startende ondernemers, zelfstandige professionals (zp’ers) en start-ups een steuntje in de rug daarbij te geven. Niet omdat ondernemers noodzakelijkerwijs de overheid nodig hebben, maar wél omdat het in het belang van de overheid is om maatschappelijke kosten en baten van ondernemerschap te optimaliseren. Zo is niemand, ook de Nederlandse samenleving niet, geholpen met een faillissement. Tegelijkertijd zijn ondernemers die tot volle wasdom komen een geschenk voor de welvaart. De overheid kan met andere woorden de scherpe kantjes van het ondernemen er wat af halen – zonder dat het overigens het ondernemersrisico volledig weg moet nemen – en ondernemers helpen te schitteren.

Wij doen dat met ZAAI Haarlemmermeer, het programma dat investeert in de ondernemerschapskwaliteiten van ondernemers, en 155-help-een-bedrijf, waar ondernemers terecht kunnen als hun continuïteit in het geding is. Zó willen we in Haarlemmermeer bijdragen aan een gezond ondernemersbestand. En een lokale en regionale economie waarin ondernemerschap floreert en ondernemers doen waar ze goed in zijn. Want vanuit het gebied dat nu nog omsloten is door de Ringvaart, maar dat straks zeer waarschijnlijk begrensd wordt door het Noordzeekanaal, zijn de zeven wereldzeeën binnen handbereik.

Deelnemers ZAAI Haarlemmermeer 2017
Deelnemers ZAAI Haarlemmermeer 2017

Reageren op dit bericht? Klik hier!

Drager van de rode lantaarn

Haarlemmermeer staat bij de 100.000+ gemeenten op een mooie gedeelde laatste plaats met Westland als het gaat om het aantal inwoners met een bijstandsuitkering. Onze gemeente is daarmee drager van de rode lantaarn. In onze gemeente hebben op de 1000 inwoners er 21 een bijstandsuitkering. De ‘nummer 1’ is Rotterdam, met 96 per 1000 inwoners. Dit staat te lezen op de website van Binnenlands Bestuur.

img_0026Natuurlijk: Haarlemmermeer heeft met ruim 154.000 banen een bloeiende en diverse arbeidsmarkt. We hebben al sinds jaar en dag een relatief laag aantal inwoners dat een beroep doet op de bijstand. Maar we investeren ook: in de samenwerking met het Werkgeversservicepunt Groot-Amsterdam, zodat we vraag en aanbod snel kunnen matchen. We investeren in competenties en arbeidsvaardigheden van onze inwoners, zodat het makkelijker wordt om werk te vinden en te behouden. We werken nauw samen met het UWV en het Leerwerkloket als het gaat om het behalen van startkwalificaties. En we kijken hoe we nog beter op maat gesneden ondersteuning kunnen bieden bij het vinden van werk en het opdoen van werkervaring via onder meer leer-werktrajecten.

De arbeidsmarkt in onze polder en onze inspanningen dragen bij aan het relatief lage aantal inwoners in de bijstand. Toch zien we ook –in lijn met het landelijke beeld- een stijging van het aantal inwoners dat een beroep doet op de bijstand. Het adagium ‘werk boven uitkering’ blijft echter ons uitgangspunt. Maar daarvoor moeten we wél met onze partners en lokale en regionale werkgevers extra inspanningen leveren.

Daar komt bij dat de mensen die een beroep doen op de bijstand een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben en vaak meer dan één probleem. Het gaat niet altijd uitsluitend om het niet hebben van een baan. Wij zien echter dat de middelen die we van het Rijk krijgen om mensen te ondersteunen bij hun weg terug naar de arbeidsmarkt, de laatste jaren onder druk staan. Willen we zo laag in de klassering blijven als nu, dan moeten we kunnen blijven doen wat we de afgelopen jaren deden.

Daarom hoop ik dat men bij de kabinetsformatie en het schrijven van het regeerakkoord voldoende middelen reserveert om de stijgende landelijke trend van het aantal bijstandsgerechtigden te keren. Zodat iedereen aan de slag kan en naar vermogen zijn eigen inkomen kan verdienen.

Reageren op dit bericht ? Klik hier!

Aan de slag!

De economie zit in de lift, er komen weer banen bij. Goed nieuws dus voor mensen die werk zoeken! Jazeker, maar het is helaas geen garantie voor succes. Want er is een groep voor wie het, om verschillende redenen, lastig is om werk te vinden. Omdat men “te oud” is bijvoorbeeld. Omdat men niet over de juiste papieren of vaardigheden beschikt. Omdat men (chronisch) ziek is. Omdat er sprake is van persoonlijke problemen zoals schulden. Daarbij gaat het helaas ook nogal eens om een combinatie van zaken. Tel daarbij op dat hoe langer iemand geen werk heeft, hoe moeilijker het is om werk te vinden, en de cirkel is rond.

lookingforajobHet is dus niet voor iedereen makkelijk om werk te vinden. Een steun in de rug kan dan helpen. Vanuit die gedachte zijn we onlangs in Nieuw-Vennep begonnen met een pilot die we “Aan de slag” hebben gedoopt. Met deze pilot gaan we heel systematisch inwoners die een bijstandsuitkering ontvangen op gesprek uitnodigen. Mensen die om uiteenlopende redenen soms al jaren thuis zitten. We gaan het gesprek met hen aan en kijken waar de schoen wringt om aan de slag te kunnen. Helemaal op het individu toegesneden komt er een plannetje hoe iemand dan weer – zoveel als mogelijk – aan het arbeidsmarktproces kan deelnemen. Maatwerk is het kernwoord. Waarbij ik er wel tegelijk aan toe wil voegen dat “maatwerk” geen synoniem is voor “vrijblijvendheid”. Werk gaat namelijk boven uitkering en “iedereen kan iets doen met de juiste oplossingen” is ons credo. Is er misschien niet direct betaald werk dan kan mogelijk vrijwilligerswerk een goede opstap zijn. Samen met de betrokken inwoners kijken we wat er nodig is in hun situatie. Is er (bij)scholing nodig, is er een re-integratie traject nodig? We kijken ook of er bedrijven en organisaties in Haarlemmermeer zijn die hen goed als werknemer kunnen gebruiken. Of die bereid zijn om een stage- of leerplek te bieden. We helpen onze inwoners en bemiddelen hen naar werk.

De systematische aanpak van de pilot is intensief. Ik schreef het al in de eerste alinea: er zijn veel redenen waarom het niet altijd eenvoudig is om werk te vinden (en te houden). Het zal ook niet mogelijk zijn om iedereen naar een betaalde baan te begeleiden. Toch vind ik dat we tijd en moeite moeten steken in deze begeleiding. Wie werkt, levert een bijdrage aan de samenleving. Werk is ook veel méér dan alleen een inkomen! Het gaat bijvoorbeeld ook om eigenwaarde, je nuttig voelen. Een sociaal vangnet als de bijstand kan bovendien alleen in stand gehouden worden als alleen diegenen die écht niet kunnen werken, daar gebruik van maken. Daar hoort dan wat mij betreft ook bij dat we diegenen die dat nodig hebben, een steun in de rug geven. En dat willen we op een goede manier doen.

Deze pilot moet ons als gemeente dan ook helpen om goed te leren wat effectief en doelmatig is, want we moeten slim met de beschikbare middelen omgaan. We maken werk van werk in de overtuiging dat daar iedereen de vruchten van plukt, zowel het individu als de samenleving als geheel. Kortom: Aan de slag!

Reageren op dit bericht ? Klik hier!